|
|
|
Procedures vergunningen
Aanvraag omgevingsvergunning (Wabo) (per 1 oktober 2010)
Op 1 oktober 2010 treedt de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking. Deze wet integreert een groot aantal (ca. 25) vergunningen, ontheffingen en meldingen tot één omgevingsvergunning voor activiteiten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving. Eén omgevingsvergunning leidt tot de invoering van één loket, één aanvraagformulier, één bevoegd gezag, één uniforme procedure, één procedure voor bezwaar en beroep en één handhavend bestuursorgaan. Het doel van deze samenvoeging is een lastenverlichting voor de aanvrager.
De Wabo geldt na inwerkingtreding voor het Nederlands territorium met inbegrip van de territoriale zee: de 12-mijlszone. De huidige procedures en regels voor vergunningverlening voor mijnbouwwerken buiten de 12-mijlszone, blijven na inwerkingtreding van de Wabo ongewijzigd van kracht. Artikel 3.3 van het Besluit omgevingsrecht geeft aan dat de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie bevoegd is te beslissen op een aanvraag die betrekking heeft op een inrichting die in hoofdzaak een mijnbouwwerk is, en mijnbouwwerken niet zijnde inrichtingen.
Meldingen in het kader van het Besluit algemene regels milieu mijnbouw (hierna: Barmm) vallen niet onder de Wabo. Het gaat hierbij om tijdelijke werkzaamheden, zoals een (exploratie)boring of onderhoud aan installaties. Een melding aan EL&I is nodig wanneer het een mijnbouwwerk betreft dat onder de werking van het Barmm valt, zie artikel 4 van het Barmm. De melding in het kader van het Barmm betreft uitsluitend de milieuaspecten van de werkzaamheden.
Omgevingsloket online is een instrument om digitaal vergunningaanvragen te kunnen indienen en behandelen. Ook kan met Omgevingsloket online een vergunningcheck worden gedaan om te zien of een vergunning of melding nodig is, welke gegevens de aanvrager moet leveren, en om eventueel een papieren aanvraagformulier uit te printen. Het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie streeft ernaar dat aanvragen incl. bijbehorende bescheiden, zoals bouwtekeningen zoveel mogelijk digitaal en via het Omgevingsloket online worden ingediend.
Belangrijk! Geef duidelijk aan dat het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie op basis van de Wabo bevoegd gezag is. Lees meer...
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Vergunning voor verkenningsonderzoek
Hoofdstuk 2 van het Mijnbouwbesluit beschrijft de regels voor het verkenningsonderzoek (seismische surveys). In het algemeen is er geen vergunningvereiste voor het uitvoeren van een seismisch onderzoek op zee. Alleen wanneer belangen van scheepvaart en defensie spelen is een aparte toestemming vereist. Zie daarvoor de kaart met scheepvaartroutes en defensiegebieden die als bijlage bij de Mijnbouwregeling is gevoegd.
In artikel 108 van het Mijnbouwbesluit staat een regeling voor het verstrekken van informatie over de resultaten van het seismisch onderzoek.
NB!
Nederland is bezig met het aanwijzen van gebieden in Noordzee die voor natuur van bijzonder belang zijn. Als dat eenmaal het geval is zal er aparte vergunning onder Natuurbeschermingswet nodig zijn.
Mijnbouwwet: hoofdstuk 1, artikel 1d, artikel 2, artikel 49d en artikel 8, artikel 127 en artikel 130
Mijnbouwbesluit: hoofdstuk 2, artikel 9-23 en hoofdstuk 8, artikel 108
Mijnbouwregeling: hoofdstuk 2, artikel 2.1.1-2.8.1
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Aanvraag vergunningen voor opsporen en winnen van delfstoffen of aardwarmte
Voor het opsporen en winnen van delfstoffen of aardwarmte is een daartoe strekkende vergunning nodig van de MInister van Economische Zaken (artikel 6 van de Mijnbouwwet). De procedure voor het aanvragen van een vergunnning is opgenomen in hoofdstuk 2 van de Mijnbouwwet (in bijzonder de artikelen 14 - 17) en is uitgewerkt in hoofdstuk 1 van de Mijnbouwregeling. Paragraaf 1.2 en 1.3 en de bijlagen 1 en 2 van de Mijnbouwregeling geven een opsomming van de gegevens die overlegd moeten worden bij een vergunningaanvraag.
Artikel 1.3.1 van de Mijnbouwregeling stelt dat de aanvrager van een opsporingsvergunning een geologisch rapport dient te verstrekken. De inhoud van dit rapport wordt beknopt beschreven in lid 2d. Naar aanleiding van vragen van operators omtrent de detaillering van het geologische rapport kunt u een TNO rapport downloaden als voorbeeld. Het rapport geeft een indruk welke mate van detaillering bij de behandeling van de verschillende onderwerpen gewenst is. Het behoeft geen toelichting dat elke aanvraag locatie of regiospecifieke kenmerken zal hebben. Het is de verantwoordelijkheid van de operator deze op adequate wijze over het voetlicht te brengen. Het hier gepresenteerde rapport moet worden gezien als een hulp voor de aanvrager, hieraan kunnen geen rechten worden ontleend.
Mijnbouwwet: hoofdstuk 2, artikelen 6-24
Mijnbouwbesluit: artikel 7
Mijnbouwregeling: artikel 1.2.1, artikel 1.2.2, artikelen 1.3.1-1.3.3, bijlage 1 en bijlage 2
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Aanvraag vergunningen voor het opslaan van stoffen
Voor het opslaan van stoffen is een daartoe strekkende vergunning nodig van de Minister van Economische Zaken (artikel 25 van de Mijnbouwwet). De procedure hiervoor is opgenomen in hoofdstuk 3 van de Mijnbouwwet. In artikel 1.3.4, bijlage 1 en bijlage 2 van de Mijnbouwregeling zijn de gegevens opgenomen die overlegd moet worden bij een vergunningaanvraag.
Mijnbouwwet: hoofdstuk 3, artikelen 25-32
Mijnbouwbesluit: artikel 7 en artikel 28
Mijnbouwregeling: artikel 1.2.1, artikel 1.2.2 en artikel 1.3.4
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Aanvraag mijnbouwmilieuvergunning
Voor het oprichten of in stand houden van een mijnbouwwerk, niet-zijnde een inrichting als bedoeld in hoofdstuk 8 van de wet Milieubeheer, is een vergunning nodig van de Minister van Economische Zaken (Mijnbouwwet artikel 40, lid 2 juncto Mijnbouwregeling paragraaf 1.2 en paragraaf 1.4).
Mijnbouwwet: artikel 40, lid 2
Mijnbouwbesluit:
Mijnbouwregeling: paragraaf 1.2 en paragraaf 1.4
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Splitsing van vergunningen
Indien de houder van een vergunning een deel van zijn vergunning op een ander wil doen overgaan, dient hij een aanvraag in om splitsing van de vergunning als bedoeld in artikel 19, onderdeel a.
Mijnbouwwet: artikel 19, onderdeel a
Mijnbouwbesluit: artikel 135 en artikel 136
Mijnbouwregeling: artikel 1.8.1
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Samenvoeging van vergunningen
Voor het samenvoegen van twee of meer vergunningen, waardoor een vergunning voor een gebied ontstaat, dienen de vergunninghouders een aanvraag in om samenvoeging van de vergunning.
Mijnbouwwet: artikel 19, onderdeel b
Mijnbouwbesluit: artikel 137-140
Mijnbouwregeling: artikel 1.8.2
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
Overdracht van vergunningen
Voor het overdragen van een vergunning dient de vergunninghouder een aanvraag in tot overdracht.
Mijnbouwwet: artikel 20
Mijnbouwbesluit:
Mijnbouwregeling: artikelen 1.3.7, derde lid -1.3.10
Contact: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
|
|
|
Questions, Wishes and Complaints. What happens to them?
NLOG enables you to express your questions, wishes and complaints via
nlog-portal@tno.nl.
Whether this concerns the response times, the information, the data or the service level, NLOG is keen to take your comment on board and deal with it according to a set procedure. This means that you will receive an email from us within two days.
NLOG tries to settle complaints within four weeks. Wishes (for new functionalities) will be judged on importance and do-ability (based on scope and public tasks of NLOG and TNO-DINO as database manager). The period of time needed to realize the new functionality will be estimated on a one by one basis. You will be informed on this. In case a new functionality will imply a serious amount of work, then the User council will have to prioritize the work. This may imply extra time because the User council meets on a bi-annual basis.
Vragen, wensen en klachten. Wat gebeurt daar mee?
NLOG stelt u in de gelegenheid om vragen, wensen en klachten kenbaar te maken via
nlog-portal@tno.nl.
Of het nu om responstijden, de informatie op NLOG, de geleverde data of het niveau van diensverlening gaat, NLOG zal uw bericht volgens een vaste procedure afhandelen. Dat betekent dat u binnen twee werkdagen van ons een e-mail krijgt met een antwoord.
NLOG streeft ernaar klachten binnen vier weken af te handelen. Wensen (uitbreiding van bestaande functionaliteit) zullen worden beoordeeld op belang en haalbaarheid (op basis van het doel en de taakstelling van NLOG en TNO-DINO als databasebeheerder). Mogelijk zal de DINO Gebruikersraad zich hierover moeten buigen. De realisatietermijn zal per gehonoreerde wens moeten worden bepaald, u wordt hierover ingelicht. Indien de wens een omvangrijke hoeveelheid werk met zich meebrengt, zal de prioriteit door de DINO Gebruikersraad moeten worden vastgesteld, waardoor het realisatietraject aanmerkelijk langer kan zijn. Dit komt omdat de DINO Gebruikersraad slechts tweemaal per jaar bijeenkomt en dan het belang van de wensen bepaalt. In het ongunstigste geval kan het zijn dat u uw wens bij ons heeft kenbaar gemaakt, net nadat de Gebuikersraad bijeen is geweest.